FEYENOORD VERDER IN UEFA CUP

Feyenoord heeft de laatste strohalm waarmee het z’n Europese avontuur kon verlengen met beide handen aangegrepen. In een zinderende wedstrijd tegen Spartak Moskou wonnen de Rotterdammers met 2-1, wat voldoende was om zich te plaatsen voor het toernooi om de UEFA Cup. De ploeg werd daarmee beloond voor de wilskracht en de durf die het tegen de sterke Russen van het begin tot het zinderende einde had getoond.

De tegenslagen die Bert van Marwijk in aanloop naar het cruciale duel met Spartak Moskou had moeten incasseren waren een dag voor de wedstrijd nog zó groot, dat de coach een spiekbriefje als hulpmiddel had moeten gebruiken om al z’n blessure-gevallen op te sommen. ‘Ik pak er maar even een briefje bij, want als ik dat niet doe ben ik bang dat ik iemand over het hoofd zie. We hebben namelijk nogal wat tegenslag’, zei de coach op de dag voor de wedstrijd met gevoel voor understatement. Toen een dag later beide teams uit de tunnel kwamen en in de door Lee Towers voorverwarmde Kuip aan de slag gingen, bleek de schade naar omstandigheden nog mee te vallen. Het feit dat Van Hooijdonk vanwege een schorsing moest toekijken was natuurlijk een aderlating voor de Rotterdammers, zoals ook het wegvallen van de geblesseerde Van Wonderen een domper was voor Van Marwijk. Maar er was ook goed nieuws voor de coach, al moest hij daar voor tot de wedstrijddag wachten. Toen bleek immers dat Pieter Collen de laatste test die moest bepalen of hij zou kunnen spelen of niet, had doorstaan. De Belg kon dus als basisspeler aan de wedstrijd beginnen. Datzelfde gold voor Jon Dahl Tomasson. De lichtgeblesseerde Deen bleek de wedstrijd tegen FC Utrecht goed te hebben doorstaan en bovendien een dag later niet met al te veel nadelige gevolgen van z’n arbeid te zijn geconfronteerd. Van Marwijk, die ook nog steeds geen beroep kon doen op Kalou en opvallend genoeg Leonardo voor de tweede maal dit seizoen buiten de groep van achttien spelers hield, had er in aanloop naar het cruciale duel geen twijfel over laten bestaan met welk strijdplan hij aan de wedstrijd zou beginnen. Theoretisch mocht het dan zo zijn dat Feyenoord aan een 0-0 of 1-1 gelijkspel voldoende had om door te dringen tot het toernooi om de UEFA Cup, de coach wenste die wetenschap zo snel mogelijk te vergeten. ‘We gaan volledig voor de winst’, beloofde Van Marwijk in aanloop naar de wedstrijd. ‘We hebben geen keus. Het is veel te gevaarlijk om tegen een team als Spartak Moskou op een gelijkspel te gokken. Daarvoor zijn hun middenlinie en aanval te sterk. Dat heeft de ploeg trouwens in de eerste wedstrijd tegen ons wel bewezen. Nee, we zullen gebruik moeten zien te maken van hun zwakste punt en dat is de verdediging’, zei Van Marwijk, die daarbij gelijk ook een slag om de arm hield. ‘Want’, zei Feyenoords coach, ‘we zullen wel met beleid moeten spelen en niet ‘blind’ moeten aanvallen, want dat is tegen dit soort ploegen de goden verzoeken. Wat dat betreft zijn we gewaarschuwd door de wedstrijd van Anderlecht’, doelde de coach op de wedstrijd waarin de Belgen tegen Lokomotiv Moskou een 1-0 voorsprong weggaven en uiteindelijk met 5-1 werden opgerold. Dat de woorden van Van Marwijk de juiste snaar hadden geraakt bij zijn spelers, bleek in de kolkende Kuip vrijwel vanaf het eerste fluitsignaal. Feyenoord zette vroeg druk, slaagde er ook in om langer dan gebruikelijk op balbezit te spelen en werd daar al binnen vijf minuten voor beloond. Emerton stoomde op langs de rechterkant, liet een perfecte voorzet los die vervolgens door Jon Dahl Tomasson koelbloedig werd benut. Het was een droomstart voor het gehavende Feyenoord, dat duidelijk moed putte uit de sterke opening. In plaats van terug te kruipen in de schulp, bleef de ploeg op jacht naar doelpunten. Met Paauwe als regisseur op het middenveld, de lepe Ono aan de linker- en de ijzersterke Emerton aan de rechterzijde liep het in offensief opzicht op rolletjes voor de Rotterdammers. Meest opvallende man in de Feyenoord-aanval in die openingsfase was Johan Elmander. De Zweed greep ook deze wedstrijd aan om te laten zien wat hij kan. Eerst door met een prachtig overstapje Tomasson alleen voor de keeper te zetten (zijn schot was te zwak) en later door een voorzet van Paauwe koelbloedig af te ronden. Spartak Moskou had overigens tussen die twee Rotterdamse doelpunten in ook gescoord. Bij de eerste de beste mogelijkheid was het gelijk raak geweest voor de gasten (schot van Beschastnykh). Daarmee werd direct het gevaar van de Russen nog eens onderstreept. Spartak bleek nog steeds dezelfde dodelijke precisie aan de dag te kunnen leggen in z’n spaarzame aanvallen, iets wat Feyenoord een paar weken eerder in Moskou aan den lijve had ondervonden. Toch bleef Feyenoord het grootste deel van de eerste helft domineren. Het scheelde ook weinig of de Rotterdammers hadden voor de derde keer geprofiteerd van hun overwicht, toen Ono met een heerlijke dieptepass Tomasz Rzasa op weg stuurde. De Pool twijfelde eenmaal in het Russische strafschopgebied tussen zelf schieten of doorspelen naar Elmander. Hij deed het laatste, maar de Zweed kreeg de bal er niet in. Feyenoord sloot z’n serie kansen af met een vrije trap van Patrick Paauwe, die door de Russische doelman maar met een uiterste krachtsinspanning werd overgetikt. Gaandeweg de eerste helft kwamen er echter, bijna ongemerkt, ook kansen voor de Russen. Met name doelpuntenmaker Beschastnykh bleek af en toe een plaag voor Ferry de Haan, de centrale verdediger die overigens wel een goede wedstrijd speelde. De plaagstootjes van de Russen bleken slechts een voorbode van wat Feyenoord in de tweede helft te wachten stond. Na de rust drongen de Russen steeds meer aan en deden dat bij vlagen met combinatiespel dat men in Nederland alleen nog in de zaalvoetbalcompetitie ziet. Het leverde na rust spectaculaire momenten op. Tshykmeistruk bijvoorbeeld, schoot al drie minuten na de hervatting op de lat. Dat deed Johan Elmander, die na de rust iets minder in het spel werd betrokken maar bleef werken als een paard, trouwens ook. Maar de meeste kansen waren in deze periode toch voor de gasten, met het schot van Beschastnykh op de lat als beste. Het was dan ook niet verwonderlijk dat Bert van Marwijk in deze periode ingreep. Hij haalde Pieter Collen naar de kant ten faveure van Jean-Paul van Gastel. Daardoor kon Brett Emerton een linie terugzakken in een poging het gevaar Tshykmeistruk in te dammen, terwijl Van Gastel als defensief ingestelde speler het middenveld kon versterken . Het was een logische wissel. Niet alleen omdat Pieter Collen niet lekker in de wedstrijd zat, maar ook omdat de druk van de Russen met de minuut toenam. En dat was, met de 2-1 stand op het scorebord, slecht nieuws voor Feyenoord. Winst was weliswaar voldoende voor plaatsing, maar één tegengoal zou betekenen dat Feyenoord weer helemaal opnieuw moest beginnen. Want bij een 2-2 gelijkspel zouden de Russen doorgaan. Feyenoord zat dus in de slotfase van de wedstrijd met een dilemma. Moest het doorjagen op de derde goal en daarna de zaak dichtgooien? Of moest het gokken op het vermogen om de 2-1 stand tot aan het laatste fluitsignaal te handhaven? Het koos uiteindelijk voor het laatste, wat een zinderende slotfase tot gevolg had. Met de steun van het Legioen moest Feyenoord alle zeilen bijzetten, om uitzicht te blijven houden om Europees voetbal. Dat dat uiteindelijk lukte was vooral een compliment aan de wilskracht van het team en de durf van Bert van Marwijk. (KLIK VOOR STATISTIEKEN HIERONDER)
Feyenoord Business CLub
INLOG VOOR ONZE LEDEN
WILT U OOK LID WORDEN?
×