FEYENOORD GEEFT VOORSPRONG WEG IN MOSKOU

Vooraf zou Feyenoord wellicht getekend hebben voor een gelijkspel in de lastige uitwedstrijd tegen Spartak Moskou, maar gezien het wedstrijdverloop overheerste toch voornamelijk teleurstelling in het Rotterdamse kamp. Dat had alles te maken met het scoreverloop, want de ploeg van Bert van Marwijk gaf in vijf minuten tijd een 0-2 voorsprong uit handen en moest uiteindelijk genoegen nemen met een 2-2 eindstand.

In het elftal dat in het grotendeels lege Luzhniki-stadion aan de klus tegen Spartak Moskou begon, was de aanwezigheid van Jean-Paul van Gastel de meest opvallende. De terugkeer van de Brabander in het basisteam had alles te maken met Van Marwijks beslissing om tegen Spartak Moskou in defensief opzicht extra zekerheid in te bouwen. In plaats van een linkerspits, moest Van Gastel het middenveld van Feyenoord meer body geven. Er waren in het hotel overigens wel een paar gesprekken met verschillende spelers aan voorafgegaan, voordat Van Marwijk z’n definitieve beslissing nam. Veel tijd hoefde de coach voor die gesprekken niet te reserveren, want al z’n gesprekspartners waren het in grote lijnen met Van Marwijk eens. ‘Wat dat betreft kreeg ik in de gesprekken vooral bevestiging van wat ik al vermoedde’, vertelde de coach. Er lag realisme ten grondslag aan Van Marwijks beslissing om meer zekerheid in te bouwen. ‘Als ik trainer zou zijn van Real Madrid zou ik mijn systeem nooit aanpassen en tegen elke ploeg op dezelfde wijze spelen. Maar ik ben trainer van Feyenoord en dan weet je dat je je in internationale wedstrijden niet alles kunt veroorloven. Je kunt wel van alles willen, maar je moet natuurlijk niet naïef zijn’ De coach had in de dagen voorafgaande aan het treffen met Spartak ook lange tijd overwogen Ramon van Haaren in de basisopstelling op te nemen, maar zag daar op het laatste moment toch vanaf. Tegen de Russen mocht Tomasz Rzasa vanaf het eerste fluitsignaal meedoen. Het feit dat Van Haaren lange tijd geblesseerd was en wedstrijdritme miste lag aan die beslissing ten grondslag, al gold dat gedeeltelijk ook voor Van Gastel. De middenvelder was dan weliswaar fit, maar speelde dit seizoen nog niet een keer in het eerste elftal. Wat dat betreft gingen de gedachten van Van Gastel in aanloop naar het treffen even terug naar twee seizoenen terug, toen hij vanuit een vergelijkbare situatie plotseling moest aantreden tegen Lazio Roma. ‘ Maar’, glimlachte de Brabander een dag voor de wedstrijd in het Luzhniki-stadion, ‘ het enige verschil is dat ik toen lichamelijk eigenlijk niet klaar was voor die wedstrijd. Dat is nu anders. Ik ben topfit’. Dat was ook geen overbodige luxe, want Feyenoord moest tegen de volksclub uit Moskou direct vol aan de bak. Spartak bepaalde in de openingsminuten het tempo van de wedstrijd en dat lag vanaf het eerste fluitsignaal hoog. In die fase tekende zich ook al snel de ware aard van de Russische ploeg af. Binnen een kwartier bleek Van Marwijk gelijk te hebben gehad, toen hij in aanloop naar de wedstrijd stelde dat de counters van Spartak Moskou weliswaar levensgevaarlijk konden zijn, maar dat de ploeg van trainer Oleg Romantsev in defensief opzicht nog weleens een steekje liet vallen. Spartak bleek in het begin inderdaad in staat om razendsnel richting doel van Zoetebier uit te vallen. Met name het gemak waarin spits Beschastnykh zich af en toe in kansrijke posities wist te manoeuvreren, stelden de zenuwen de meegereisde Rotterdamse fans (een kleine honderd in getal) in die openingsfase een paar keer flink op de proef. Maar de afgevaardigden van het legioen konden ook al snel hoop putten uit de verwarring in de Russische verdediging. Bert van Marwijk had het speltype van Spartak Moskou cryptisch omschreven als ‘een georganiseerde chaos’, maar eenmaal aan de wedstrijd begonnen bleek het toch ook vaak een ongeorganiseerde chaos te zijn. Met name Tomasson profiteerde van de schoonheidsfoutjes in de Russische verdediging, al bleef het bij een aantal plaagstootjes. Het aantal mogelijkheden voor Feyenoord nam toe, naarmate Spartaks druk van de openingsminuten afnam. De Rotterdammers kregen hierdoor de mogelijkheid combinatie-voetbal te spelen, wat bij vlagen ook uitstekend lukte. Toch kwam de openingstreffer van Feyenoord nog vrij onverwacht. In het naspel van een aanval over rechts, leek er voor Feyenoord in eerste instantie weinig eer te behalen, tot de bal uit een scrimmage voor de linkervoet van Paul Bosvelt belandde. Feyenoords aanvoerder bedacht zich geen moment en schoot vanaf een meter of achttien raak: 0-1. Voor het eerst die avond zwegen de toeters van het Russischse publiek, terwijl Bosvelt en z’n maatjes in relatieve stilte hun feestje vierden bij de cornervlag. Feyenoord toonde zich vervolgens volwassen genoeg om rustig te blijven voetballen en te loeren op een volgende kans. Die kwam er ook al snel, toen Kalou slim profiteerde van slordigheid in de Russische defensie en ongehinderd vanaf de middenlijn op het doel van de debuterende Kabanov kon afstormen. Bovendien wist de Ivoriaan zich verzekerd van de steun van Jon Dahl Tomasson, die attent was geweest in het anticiperen op deze droommogelijkheid. De vraag was niet of, maar hoe de twee Feyenoorders deze kans gingen verzilveren. Kalou kreeg tenslotte een mogelijkheid die je maar zelden ziet in de Champions League. En toch ging het fout. De Afrikaan speelde de bal te ver voor zich uit en zag tot z’n afgrijzen dat Kabanov alsnog kon ingrijpen. Gelukkig voor Bert van Marwijk en zijn mannen had deze domper geen verstrekkende gevolgen. Feyenoord zette zich over de teleurstelling heen en ging door waarmee het bezig was: het spelen op balbezit en loeren op foutjes in de Russische defensie. Toch leek Spartak kracht te putten uit de misser van Kalou, want de Russen drongen iets meer aan. Met name Beschastnykh toonde zich gevaarlijk, al werd hij bij z’n grootste kans van de eerste helft geholpen door een comunicatie-stoornis tussen Van Gobbel en Emerton. Ook in de tweede helft was Beschastnykh de gevaarlijkste man aan Russische zijde, maar telkens stond Edwin Zoetebier in z’n weg. De Rus had al drie kansen laten liggen, toen Feyenoord plotseling deed waar juist Spartak Moskou bekend om staat: het verplaatste het spel razendsnel via twee schijven (Rzasa en Van Hooijdonk) naar de andere kant van het veld, waar Tomasson uiteindelijk kon profiteren: 0-2. Feyenoord leek door de treffer van Tomasson op rozen te zitten, maar de partij was nog niet gespeeld. Spartak bleef aandringen en met name Beschastnykh ontwikkelde zich steeds vaker tot een plaaggeest van Zoetebier, die overigens meer en meer moeite kreeg om de Russische schoten klemvast te krijgen. Toch was het niet Beschastnykh die voor de aansluiting zorgde, maar de Braziliaan Robson. Hij bracht weer wat leven in het Luzhniki-stadion door een aanval door het midden te verzilveren: 1-2. Niet veel later, toen Van Gastel inmiddels het veld had geruimd voor Jan de Visser, stond de wedstrijd alweer op z’n kop, toen Beschastnykh deed waarmee hij het voorgaande uur al steeds had gedreigd. De lepe spits scoorde en bracht zo de stand op 2-2, ondanks Rotterdamse protesten over vermeend buitenspel. Feyenoord kwam door die treffer in zwaar weer terecht. Spartak ontwikkelde steeds meer druk op het doel van Zoetebier, die de Russen tot z’n schrik van steeds dichterbij op het doel zag schieten. Tot aan de laatste minuut hing een treffer van Spartak in de lucht, zonder dat Feyenoord daar, op een niet beloonde uitval van Pierre van Hooijdonk na, in aanvallend opzicht nog iets tegenover kon stellen. Het was dan ook een mengeling van opluchting en teleurstelling, waarmee Feyenoord het eindsignaal van scheidsrechter Lopez Nieto aanhoorde. (Klik hieronder voor de statistieken)
Feyenoord Business CLub
INLOG VOOR ONZE LEDEN
WILT U OOK LID WORDEN?
×