Image without alt
Feyenoord 1

Elkaar beter begrijpen

Al enkele jaren organiseert Feyenoord speciale projecten waarin de Joodse historie van de club en de stad Rotterdam centraal staan. Onderstaande reportage werd eerder gepubliceerd in Feyenoord Magazine en is vandaag (donderdag), op de dag van de jaarlijkse herdenking van de Holocaust, ook digitaal te lezen. ‘Het gaat om het bewustzijn, tot inzicht komen dat je bepaalde teksten beter niet kunt zingen.’

Fotografie: RADAR/Sidris van Sauers

Toen Ofir Marciano deze zomer in gesprek ging met Feyenoord over een contract in De Kuip, was de rivaliteit met Ajax een van de eerste dingen die ter sprake kwam. De Joods-Israelische keeper was bekend met de spreekkoren die over en weer op de tribunes te horen zijn bij wedstrijden tussen de twee clubs en kwam in voorbereiding op zijn stap naar Feyenoord beelden tegen van Klassiekers waarbij antisemitische leuzen waren te horen vanaf de tribunes. ‘Zeker als je de achtergronden niet precies kent en alles vanaf een afstand meekrijgt, is het moeilijk te begrijpen waarom mensen antisemitische teksten roepen,’ zegt de Israëlisch international, voor wie zijn geloof en de Joodse tradities een belangrijke rol in zijn leven spelen. ‘Rivaliteit hoort bij sport, maar soms slaat het door. Gelukkig heeft Feyenoord zo snel ik hier kwam verteld hoeveel energie ze erin steken om mensen te laten begrijpen dat bepaalde teksten kwetsend kunnen zijn en niet in een stadion thuishoren. Mensen bepalen zelf wat ze zeggen en iedereen heeft vrijheid van meningsuiting, maar wat mij betreft is er ook een grens die je niet moet overschrijden.’

Al bij zijn vorige club Hibernian FC maakte Marciano tijdens een uitwedstrijd tegen Celtic mee dat er antisemitische teksten werden geroepen door supporters en er vlaggen waren te zien op de tribune gericht tegen Israël. ‘Op het veld probeerde ik me daarvoor af te sluiten, maar het was niet prettig om mee te maken,’ zegt hij. ‘Ik denk dat veel mensen niet begrijpen wat ze precies roepen. Volgens mij is het belangrijk om supporters bij te brengen welke gevoelens zulke teksten kunnen oproepen en hen te leren welke verantwoordelijkheid ze hebben.’

Feyenoord kreeg datzelfde inzicht in 2013, toen de club voor het eerst met een groep supporters een bezoek bracht aan Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Niet lang daarna sloot Feyenoord een samenwerking met de Anne Frank Stichting en kregen de projecten gericht op antisemitisme een meer structureel karakter. Sindsdien krijgen supporters met een stadionverbod als onderdeel van het zogenoemde alternatief traject (waarmee het stadionverbod kan worden verkort) de kans om een eendaagse workshop in Rotterdam te volgen, waarin de joodse historie van Feyenoord en Rotterdam centraal staan. Feyenoord organiseert tegenwoordig circa acht van dergelijke workshops per jaar, waaraan gemiddeld zeven supporters per keer deelnemen. ‘Hun stadionverboden hebben niet per definitie te maken met antisemitische spreekkoren,’ zegt fancoach en Supporters Liaison Officer (SLO) Steven Burger, een van de organisatoren van de workshops. ‘Tegelijkertijd hebben we er nooit iemand tussen die niet weet waar het over gaat wanneer dit thema ter sprake komt.’

Tijdens de workshops wordt onder meer een bezoek gebracht aan Loods24, de havenloods die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werd gebruikt als verzamelplaats voor de deportatie van Joden, en het Joods Kindermonument op de Kop van Zuid waarop de namen staan van Joodse kinderen die tijdens de oorlog zijn omgekomen. Ook worden er verhalen verteld over Joodse Feyenoorders in de Tweede Wereldoorlog, zoals over supporter Herman Menco. Hij zat als tiener ondergedoken in Rotterdam-Zuid, maar ging op zondagen met geblondeerd haar op in de menigte die op weg was naar De Kuip en bekeek daar, met gevaar voor eigen leven, de wedstrijden van Feyenoord.

Shockeren
Een van de uitgangspunten van de workshops is dat supporters beter gaan begrijpen hoe kwetsend de spreekkoren in het stadion kunnen zijn, vooral ook voor hun medesupporters. ‘De Britse onderzoekster Emma Poulton zegt dat antisemitische spreekkoren in voetbalstadions vooral zijn bedoeld om de tegenstander te shockeren,’ zegt Burger. ‘Er zit voor de meeste mensen die zulke teksten roepen geen antisemitisch gedachtegoed achter. Ze willen vooral de tegenstander tot het uiterste toe sarren en beledigen, maar in de praktijk blijkt dat ze vooral hun medesupporters ermee hebben.’

Om dat ook tijdens de workshops duidelijk te maken, sluit er altijd een Joodse Feyenoord-supporter aan. Een van hen is Edjo Frank, die in 2016 werd benaderd om Feyenoord te helpen bij dit project. De inmiddels 72-jarige Frank is zijn leven lang Feyenoord-supporter en kwam al op jonge leeftijd regelmatig in het stadion. In de jaren negentig hoorde hij voor het eerst antisemitische spreekkoren op de tribune van De Kuip. ‘Steeds vaker werd ik daar op verjaardagen op aangesproken,’ zegt hij. ‘Mensen vroegen me: waarom ga je naar De Kuip als daar antisemitische leuzen worden geroepen? Toen besefte ik: ze hebben gelijk.’

Voor Frank was die afweging niet los te zien van zijn eigen familiegeschiedenis. Zowel aan de kant van zijn vader als van zijn moeder heeft de Tweede Wereldoorlog diepe sporen nagelaten. ‘Pas twintig jaar geleden ben ik goed gaan onderzoeken wat er in de oorlog is gebeurd met mijn familie, want thuis werd daar vroeger niet over gepraat. Zo kwam ik erachter dat een groot deel van mijn familie is vergast in Auschwitz. Een tante van mij heeft Auschwitz overleefd, omdat ze goed viool speelde. Zij kwam door de selectie voor het kamporkest, dat moest spelen bij de gaskamers om het geluid van de schreeuwende mensen te overstemmen.’

Sinds hij op die manier meer te weten is gekomen over zijn familiehistorie, gaan de spreekkoren in het stadion nog meer dan voorheen door merg en been. Er was zelfs een periode dat Frank daardoor niet meer naar Feyenoord ging. ‘Ik ben steeds meer gaan beseffen dat die spreekkoren met mijn familie en mijn geschiedenis te maken hebben. Als ik mijn zoon of collega’s meenam naar De Kuip en die leuzen werden geroepen, werd er ook naar mij gekeken. Daardoor begon ik me steeds minder prettig te voelen in het stadion. Toen dacht ik: bekijk het maar.’

Tijdens de workshops in Rotterdam vertelt Frank altijd het verhaal over zijn familie en legt daarbij uit hoeveel pijn het hem doet als er ‘wie niet springt is een Jood’ of ‘Hamas, Hamas, Joden aan het gas’ is te horen in het stadion. ‘Mijn idee was altijd: die spreekkoren zijn gericht tegen Ajax,’ zegt Frank. ‘Ik ben mijn leven lang voor Feyenoord geweest en zit eerlijk gezegd ook te genieten als Ajax verliest. Die rivaliteit hoort bij het voetbal, je hoeft je in dat opzicht ook niet altijd poeslief te gedragen. Maar steeds vaker dacht ik: waarom moeten de spreekkoren elke keer op de Joodse identiteit gericht zijn? Ik merkte dat ik daardoor echt boos begon te worden. Ik dacht: Feyenoord is ook míjn club en de club van mijn vader. En sterker nog, ik ben er jaren geleden achter gekomen dat Feyenoord ook de club van mijn opa was, hij bleek een van de eerste investeerders in De Kuip te zijn.’

Elke workshop weer merkt Frank dat het verhaal dat hij vertelt indruk maakt. Als reactie krijgt hij van de aanwezige supporters vaak terug dat degenen die de kwetsende teksten zingen niet de intentie hebben om hun medesupporters op het hart te trappen. ‘Ze moeten alleen beseffen dat ze dat wél doen,’ zegt Frank. ‘Er zijn zelfs Joodse Feyenoorders zijn die daardoor wegblijven uit De Kuip.’ Burger knikt. ‘Sommige Joodse Feyenoord-supporters zeggen tijdens de workshops tegen de deelnemers: “Jullie hebben een stadionverbod, maar ik ook.” Elke keer dat er iets wordt gezongen, worden ze geconfronteerd met hun hele familiegeschiedenis.’

Auschwitz
Het programma van Feyenoord dat gericht is op dit thema kreeg in 2020 een extra laag, toen de club met steun van de Europese Commissie een reis organiseerde voor 25 supporters – van jong tot oud en van betrokken tot extreem fanatiek – naar Auschwitz. Ook Frank kreeg de vraag of hij de club wilde vergezellen, hoewel hij zijn leven lang had verklaard nooit een voet in Auschwitz te willen zetten. ‘Het voelde voor mij als de plek des onheils,’ zegt hij. ‘Toen Feyenoord mij vroeg, zei ik in eerste instantie ook gelijk nee. Daarna ben ik er toch over na gaan denken en uiteindelijk dacht ik: wees een beetje flink, je doet het niet voor jezelf maar voor de club en de supporters.’

Achteraf gezien had Frank de reis niet willen missen. Het bezoek aan Auschwitz maakte niet alleen diepe indruk op hemzelf, maar net zozeer op de supporters en de rest van de begeleiding. Ze maakten bovendien een uitstap naar een monument bij voormalig Kamp Seibersdorf, waar de Joodse Feyenoord-speler Emmanuel Naarden in 1943 werd vermoord. De delegatie kreeg er een officiële ontvangst door de burgemeester en een groep schoolkinderen. ‘De supporters die daarbij waren, hebben het daar nu nog over,’ zegt Burger. Edjo Frank heeft sinds de reis ook contact gehouden met de Feyenoorders met wie hij in Polen was en bezocht later zelfs samen met een aantal van hen een officiële Auschwitz-herdenking van de gemeente Dordrecht.

Springen
Met dit soort initiatieven hoopt Feyenoord ook in de toekomst zoveel mogelijk supporters te bereiken. De club streeft ernaar om jaarlijks een reis naar Auschwitz aan te bieden en ook supporters zonder stadionverbod de kans te geven om de workshop in Rotterdam te volgen. ‘We hopen dat supporters uiteindelijk zelf tot het inzicht komen dat ze bepaalde teksten beter niet kunnen roepen of zingen,’ zegt Burger. ‘Het gaat vooral om bewustzijn.’

In de praktijk merkt hij het effect bij de supporters die de workshop hebben gevolgd. ‘Ik krijg regelmatig berichtjes in de trant van: om me heen waren ze aan het springen op de tribune, maar ik heb niet meegedaan,’ zegt Burger.

Het zijn dat soort geluiden die ook Frank tevreden stemmen. Hij zegt: ‘Ik heb niet de illusie dat alle supporters die we in een workshop hebben gehad heilige boontjes worden, en dat hoeft ook niet. Ze zullen heus nog weleens wat roepen. Maar waar het om gaat, is dat ze iets hebben meegekregen waarvan ze zelf de indruk hebben dat het de moeite waard was.’
Ook Ofir Marciano hoopt dat projecten van de club eraan kunnen bijdragen dat de kwetsende spreekkoren uit het stadion worden verbannen. ‘Het is heel simpel: het zou goed zijn voor de club als mensen hiermee stoppen,’ zegt hij. ‘Ik ben niet naïef, ik verwacht echt niet dat er in de volgende wedstrijd tegen Ajax geen onvertogen woord meer zal klinken op de tribunes. Maar zelfs als je maar één persoon kunt laten inzien dat zulke teksten ook mede-supporters pijn kunnen doen, dan is dat al een grote stap vooruit.’

Changing the chants
In de strijd tegen antisemitisme op de tribunes van de voetbalstadions trekt Feyenoord samen op met Borussia Dortmund. Onder de noemer ‘Changing the chants’ hebben de twee clubs een tweejarig project achter de rug, waarna ze richtlijnen hebben opgesteld voor andere voetbalclubs die met dit thema aan de slag willen. ‘We hebben veel van elkaar kunnen leren en ook andere Europese initiatieven onder de loep genomen,’ zegt Steven Burger. ‘We denken dat onze aanpak ook interessant kan zijn voor andere clubs.’

Straffen verdubbeld
Mede naar aanleiding van racistische uitingen aan het adres van Excelsior-speler Ahmad Mendes Moreira in een wedstrijd tegen FC Den Bosch is begin 2020 een aanvalsplan gelanceerd tegen racisme en discriminatie in het voetbal. Bij de start van het plan ‘Ons voetbal is van iedereen’, een initiatief van de Rijksoverheid, KNVB, Eredivisie, Eredivisie Vrouwen en Keuken Kampioen Divisie, zijn de straffen voor discriminatie (waaronder antisemitisme) verdubbeld. Supporters die zich schuldig maken aan discriminerende leuzen kunnen hiervoor tegenwoordig een stadionverbod krijgen van tien jaar.

Hoofdpartner

Strategische partners

  • Castore
  • TOTO
  • QTerminals
  • Prijsvrij
  • Heineken
  • EuroParcs
  • D&R Group
  • Verloning[language]
  • LyondellBasell
  • BMW Breeman
  • VriendenLoterij
  • Univé
  • AD
  • RET
  • Knaken

Eredivisiepartner

  • ESPN